IV - orale switch

Dubbelklik voor uitgebreide Tabel standaard intraveneuze en orale doseringen

1. Switchen naar orale therapie

Het omzetten van intraveneuze naar orale therapie is patiëntvriendelijk en kostenbesparend. Bij twijfel altijd overleggen met leden van het A-team: apotheker, arts-microbioloog (AM), of internist-infectioloog (II)

Randvoorwaarden voor het switchen naar orale therapie zijn:

  • Patiënt is hemodynamisch stabiel
  • De patiënt is niet langdurig diep neutropeen (granulocyten < 500/mm3)
  • De klinische conditie van de patiënt is aanzienlijk verbeterd, waarbij temperatuur en ontstekingsparameters een duidelijke tendens tot normaliseren vertonen
  • De diagnose en/of verwekkers van de infectie zijn bekend of zeer aannemelijk
  • Patiënt is goed in staat om orale geneesmiddelen in te nemen; er is geen sprake van malabsorptie. Hierbij dient rekening gehouden te worden met geneesmiddelen die de absorptie van antibiotica kunnen verminderen (metaalion-bevattende geneesmiddelen bij fluorchinolonen), dan wel de opname van antibiotica kunnen vertragen (hoge dosering opiaten of sterk werkende opiaten)
  • Het orale antibioticum bereikt ter plekke van de infectie een voldoende hoge concentratie.

Hiervoor kan onderstaande tabel als richtlijn worden gebruikt:

Uitzonderingen op onderstaande tabel zijn soms mogelijk; dit vraagt altijd overleg met het A-team.

Iv-po zonder FN.PNG

 

2. Standaard doseringen (bepaalde indicaties behoeven alternatieve doseringen)

Raadpleeg http://alrijne.swabid.nl/ tabblad Therapie voor gerichte therapeutische adviezen en tabblad Middelen voor meer informatie over doseringen.

In verband met een uitstekende orale beschikbaarheid kunnen de volgende middelen normaliter vanaf het begin oraal worden gestart (m.u.v. ernstige en/of complexe infecties):

  • Clindamycine, co-trimoxazol, ciprofloxacine, moxifloxacine, rifampicine, linezolid, fluconazol, voriconazol. 

Dubbelklik voor uitgebreide Tabel standaard intraveneuze en orale doseringen